ADELANTE
driemaandelijkse
nieuwsbrief – jaargang 1 – nummer 2
april-mei-juni 2002 – afgiftekantoor Roeselare 1 - P209047
vu Hilde Fiems, Gitsestraat 354, 8800 Roeselare
– voor de andere afleveringen van de nieuwsbrief, consulteer het online archief –

Redactioneel
De leukste les Nederlands? Ik herinner me ze nog heel goed : ‘t was de les ‘associatieoefeningen’. Je weet wel, één iemand zegt een woord en de volgende zegt dan het eerste woord dat opkomt en doet denken aan het vorig woord en dat gaat zo de hele klas door..
Daarnet deed ik zo’n associatiespelletje opnieuw. Helemaal alleen, in bad: Pasen – vasten – broederlijk delen – Vice Versa…
Vice Versa, misschien klinkt het jou bekend in de oren, het grootse uitwisselingproject dat Broederlijk Delen op touw zette ter gelegenheid van haar veertigste verjaardag…
Vice Versa, misschien ontmoette je één van de 10 (of 49) gasten die een week ergens in West-Vlaanderen (of Vlaanderen) het leven met een plaatselijke gemeenschap deelden… en ja, er waren er ook uit Bolivia.
Vice Versa, misschien was je één van de 4000 mensen die een enthousiasmerend Wereldfeest meemaakten op die stralende 16e maart…
Vice Versa, het is ook wat wij een beetje met deze Adelante willen doen: twee werelden, Vlaanderen en Bolivia, een stukje dichterbij brengen en aan elkaar leren kennen. Het verhaal gaat ondertussen reeds een goed half jaar en Hilde brengt jullie uitgebreid verslag.
Vice Versa, dat is steeds opnieuw verrassing voor wat hier en daar zo evident lijkt: voor de één meer varkens dan mensen in West-Vlaanderen (waar zijn die varkens dan, ik zie ze niet – vroeg de Chileense gaste Jimena zich af…), voor de ander een reeks wistjedatjes na een veertiendaags verblijf in Bolivia.
Vice Versa, het is een beetje inleven… zoals straks bij die tocht naar de mijn.
Vice Versa, het is de zovele gedachtendraden die in dit jaar tussen België en Llallagua gespannen worden, hopelijks een heel klein beetje voelbaar maken…
Veel leesgenot !
Ann Verschingel
Hilde schrijft uit Llallagua
Llallagua, 18 maart 2002
dag allemaal,
Waw, er is al een hele tijd voorbij sinds m’n vorige nieuwsbrief, hé! Dit wordt dan ook een lang exemplaar! Ondertussen ben ik hier al meer dan een half jaar, “de matras is gedraaid” zoals ze zeggen, en er is al van alles gebeurd in Llallagua en omstreken!
Ik duik eventjes terug in vorig jaar, want daar was ik gebleven, hé! December was een leuke maand. Het centrum bleef vollopen met leerlingen voor de lessen wiskunde, fysica en scheikunde, en ’s avonds kreeg ik de ene serenade na de andere onder m’n vensterraam van de leerlingen gitaar en charango! Na 3 maanden les konden ze er echt aardig weg mee!
Door Tierra de Hombres werden we uitgenodigd op een nationaal jongerencongres “Eje Juventud”, nu, zó “nationaal” kon je het niet noemen, want we waren maar met een stuk of 20, vertegenwoordigers uit 4 van de 9 departementen van Bolivia. “Eje Juventud” wil de jongerenorganisaties van het land verenigen in een netwerk, ook over de grenzen heen; ook met groepen uit Peru, Colombia en Chili wordt er samen gewerkt. Het congres is heel goed meegevallen! Ze willen iets organiseren op nationaal niveau. We denken aan een wandeltocht type-JOEPIE van KSA/VKSJ voor eind december 2002, begin 2003. Ja, ja, ze zagen het goed zitten: twee dagen stappen vanuit verschillende vertrekpunten in het land, derde dag een groot feest in een gezamenlijk eindpunt. Sucre lijkt me wel een goed idee, de officiële hoofdstad, en misschien kunnen we audiëntie vragen bij de president,… of dromen we al weer teveel?! Normaal gezien moesten er tegen nu al een paar dingen gerealiseerd zijn, maar… we zijn in Bolivia hé!
Met een aantal andere instellingen organiseerden we een kerstcampagne “Un regalo y una sonrisa” (een pakje en een glimlach). Er werden bijna 2000 pakjes uitgedeeld, net voor Kerstmis, vooral speelgoed voor de kinderen, maar ook een aantal voedselpakketten en kleren. We waren tevreden met het resultaat.

In de kerstvakantie waren Hilde en Lieven op bezoek, en don Costo spreekt er nog van! Hij was zo content om met ons in de mijnen te kunnen gaan! Je had ons moeten zien: uitgerust met onze bergschoenen, een helm en een zaklamp. We reden met de jeep naar Cancañiri, en van daar zouden we door de mijn naar Uncía gaan, ruim 2 uur stappen. Ik was echt onder de indruk! Een donker gangenstelsel, waar don Costo blindelings de weg kent, met plotse temperatuursverschillen, soms snikheet dat het zweet van ons af liep en dan weer berekoud, houten staketsel om de mijngangen te stutten, de treinsporen onbruikbaar door gebrek aan onderhoud, water in bepaalde gangen, de compressoren om verse lucht aan te voeren doen het al lang niet meer, de lift is een prehistorisch en gevaarlijk ding waar ik voor geen geld ter wereld zou in stappen… en dan te weten dat er dagelijks nog 1050 mannen, jongens de mijn in gaan, dat ze vroeger per man 25 kg mineraal per dag bovenhaalden en nu nog nauwelijks ½ kg… een heel dag hard werken in onmenselijke omstandigheden en met een minimum aan rendement: 300 bolivianos (2100 fr) per maand als je geluk hebt, probeer daar maar eens mee te overleven! Don Costo glundert als hij over zijn mijnwerkersleven vertelt, hij bewaart er de goede herinneringen van!
Januari was vooral een “denk- en uitwerk” maand: evalueren van de activiteiten van 2001, uitschrijven van het strategisch jaarplan 2002-2005, een serieus karwei, en van het jaarplan 2002, waarbij we gelukkig wat hulp hebben gekregen van mensen die vroeger bij de AJMLL betrokken waren, zoals Emilia Torrico en Hermana Sonia, en ook van de nieuwe Raad van Beheer. Ik kan jullie verzekeren da’k nachten heb wakker gelegen van die documenten! En alsof dat nog niet genoeg was, hebben ze de laptop gestolen, juist, met die documenten erop, waar we wel een papieren kopie maar geen kopie op diskette van hadden!
Eind januari konden we een uitwisseling doen met de Pastoral Juvenil Rural van Tarija, da’s voor een Boliviaan wat Spanje voor een Belg is; ligt ten Zuiden van het land, een zálig warm klimaat, en bekend om de wijn! Ook al was het 24 uur reizen met de bus, over een niet geasfalteerde weg waarbij je soms letterlijk uit je zetel werd getild, het was zeker de moeite waard! Met een 130-tal jongeren uit twaalf verschillende gemeenschappen van Tarija en met ons groepje gingen we naar Carapari, een godverlaten paradijs op aarde, op anderhalf uur van de Argentijnse grens: gemiddeld 40 graden, ’s nachts soms enorme regenbuien die een welgekomen afkoeling waren, bomen, planten, bloemen die ik nog nergens eerder zag, aarden weggetjes, adobe huisjes, rivieren… Aangezien we in de school waar we logeerden amper 2 uur per dag water hadden en dat werd voorbehouden om te koken, namen we ’s morgens onze douche onder de waterval in de rivier, zalig! De achtste diocesane bijeenkomst van het departement Tarija zelf was boeiend; er was tijd om na te denken over de problematiek van de jeugd, over de verkiezingen straks in juni waarbij de politieke partijen de jongeren proberen “om te kopen”, planning van activiteiten, geloofsgetuigenissen,… Tijdens de groepswerken werd vooral aandacht besteed aan de realiteit waarin de jongeren leven. De jongeren halen zelf als grootste probleem het gebrek aan communicatie aan tussen ouders en kinderen, en dit was zo zowel voor de jongeren van Tarija als voor onze groep uit Llallagua. De groepen werden begeleid door een groep enthousiaste seminaristen, die ons tijdens elk vrij moment deden dansen en zingen! De gasten hebben er veel deugd aan gehad, ze kennen mekaar beter, hebben veel samen gedeeld, en ‘k hoop dat die positieve groepsgeest zal blijven duren, want soms is het trekken en sleuren!
Tijdens de maand februari werd het land een beetje door elkaar geschud, neen, niet omdat ik dertig (een verjaardag vol verrassingen trouwens!) werd of omdat carnaval werd gevierd, maar wel door de verschillende sociale conflicten en door de overstroming in La Paz. Het grootste probleem lag in Chapare, één van de coca-regio’s van het land. Coca is een belangrijk exportproduct van Bolivia. Coca-blaadjes worden al eeuwen gebruikt door de lokale bevolking, ze kauwen er op of ze maken er thee van. Het is een plant die verschillende keer per jaar kan geoogst worden en het helpt tegen verschillende kwaaltjes en ongemakken: hoogteziekte, honger, pijn, maaglast,... Coca kan echter ook verwerkt worden tot cocaïne. Tot nu toe kent Bolivia geen groot drugsprobleem, in tegenstelling tot de Verenigde Staten. De Amerikaanse regering oefent grote druk uit op de Boliviaanse: de cocaproductie moet serieus verminderen en het smokkelen van coca moet verdwijnen. Er werd hierover een decreet goedgekeurd en de maatregelen die dit decreet met zich mee brengt, leidde (en leidt nog altijd) tot sociale onlusten: coca-plantages worden door het Boliviaanse leger platgebrand, mensen worden bedreigd, gefolterd, vermoord,... Cocaboeren, die hun enige bron van inkomsten dreigen te verliezen, organiseerden wegblokkades: de wegen rond Cochabamba lagen lam, en gedurende een drietal weken was ook Llallagua afgesloten van de rest van de wereld. Op den duur werd de sfeer hier wel grimmig: er was bijna geen gas meer om te koken, er werden geen fruit, groenten en andere levensmiddelen meer aangevoerd, er was geen post meer,... En er was echt geen mogelijkheid om door de blokkades te geraken: overal lagen kleine en grote stenen, rotsblokken die ze met dynamiet van de bergflanken hadden laten ontploffen! Enkel voor het jaarlijkse carnaval van Oruro werden de wegen enkele dagen vrij gemaakt. Daarna gingen de acties weer een tijd door.
Bolivia haalde het internationale nieuws op 19 februari toen La Paz onder water kwam te staan door de enorme hagel- en regenval: meer dan 70 doden, honderden gewonden, en nog altijd zijn er mensen vermist. De schade aan gebouwen is enorm. Eén van de straten is nog altijd afgezet: de huizen zijn gestut met houten balken, de mensen zijn er weg, de winkels gesloten... En nog altijd zijn families ondergebracht in een grote sportcomplex in één van de wijken van de stad. De solidariteit was groot in het begin. Ook in Llallagua werd een actie gedaan om de slachtoffers te steunen. De mensen hebben hier nochtans niet “teveel”, toch werden 200 Bolivianos opgestuurd naar de bisschop van La Paz. Een onderzoek uit 2001 van de gemeente Llallagua toont dat 48% van de bevolking (=17.786 mensen) in extreme armoede leeft, dit wil zeggen dat ze met een maandelijks inkomen van minder dan 158,5 Bolivianos per persoon (1080 fr) moet zien te overleven. 24% van de mensen (=8.854 mensen) leeft in matige armoede, met een inkomen per persoon van minder dan 278 Bolivianos (1890 fr). Vooral vrouwen, jongeren, gezinnen met meer dan 7 kinderen, indígenas en boeren leven in extreme armoede
Halfweg februari werd de weg Llallagua – Oruro weer geblokkeerd, niet meer door de coca-boeren, maar door de inwoners van Huanuni, die de corruptie van de burgemeester en gemeenteraadsleden moe waren. Ze hielden hun actie vol tot het ontslag van de plaatselijke regering!
En rond diezelfde tijd zijn de vergaderingen in Llallagua begonnen voor de POA 2002: de gemeente krijgt centen van de regering, en van verschillende instellingen en NGO’s en die centen moeten verdeeld worden. De verantwoordelijken van de verschillende wijken en zones van de gemeente, de vertegenwoordigers van de Ayllus en de verantwoordelijken van diverse instanties, waaronder wij, nemen aan de vergaderingen deel. We hebben al een paar vergaderingen achter de rug, maar tot nu toe hebben we nog niets bereikt. Er wordt heel wat weg en weer geroepen, veel verwijten aan het adres van de burgemeester en de gemeenteraadsleden – zelfs vóóraleer ze het jaarverslag hebben gehoord, een zéér grote politieke invloed, en van sommige mensen heb ik de indruk dat ze alles doen om het proces te sabotteren. En dan worden prachtige schema’s opgesteld om toch vooruit te geraken, maar daar komt achteraf niets van terecht. En dan wordt de vergadering voor de zoveelste keer uitgesteld, en dan daagt er weer geen kat op, en dan wordt die vergadering nog maar eens uitgesteld... Zo blijven we nog wel een tijdje bezig! Vorig jaar hebben ze hun POA in augustus goedgekeurd, en daardoor hebben ze véél financiering verloren! Ik hoop dat het dit jaar vlotter gaat ! Over financiering gesproken: begin april zal “Terre des Hommes” ons een antwoord geven of ze ons al dan niet gaan financieren – gekruist houden die duimen! – en Broederlijk Delen keurde ons project goed voor de bibliotheek, waarvoor we een bedrag krijgen! De gasten waren echt blij!
Nu zijn we vooral bezig met het voorbereiden van een groot spel, waarbij we verschillende groepen willen uitnodigen om mee te spelen: het gemeentebestuur, de universiteit, de verschillende colleges,... Ik zie het alleszins goed zitten! Alleen hopen dat het weer een beetje meevalt! Vandaag is de eerst zonnige dag na véél regen, soms regende het zó hard dat je zelfs de regen niet meer zag! Ik loop ondertussen al 2 weken met een serieuze verkoudheid rond die maar niet wil overgaan. Ze zeggen dat ik beter eens naar de dokter zou gaan, hihi!
De weekends zijn ook behoorlijk druk! Op zaterdagnamiddag geef ik EHBO aan de jongeren van grupo SAR, te vergelijken met “de helpertjes” van het Rode Kruis. Enthousiast zijn ze alleszins, en ik denk dat ze nu toch al min of meer weten wat te doen als iemand plots op de grond valt De zondag ben ik van ’s morgens tot ’s avonds op de parochie, met de groep kinderen. Da’s ook een leuke bende waar “poer” in zit! Na de mis van halfnegen, repeteren we de liedjes of bereiden we een volgende mis voor en in de namiddag voorzien we een activiteit, meestal rond een bepaald thema. Daarna blijven we met de coordinerende groep vergaderen en “plakken” tot ’s avonds laat! Maar we hebben er deugd van, en da’s belangrijk!
Ik hoop dat met jullie ook alles goed gaat!
un abrazo fuerte
hilde
La Prensa: Meelezen in de plaatselijke krant...
Mundo
De Verenigde Naties kondigen dagen van chaos aan
Het jaarverslag 2001 van de Verenigde Naties beschrijft 4 mogelijke scenarios voor Bolivia; we leven in een tijd van verandering (van ombuiging), waarbij de hoofdrolspelers van de ontwikkeling, of het nu de politiekers zijn, of de bedrijfswereld of de gemeenschap in zijn totaliteit, beslissingen moeten nemen waarvan de toekomst van de hele natie afhangt.
Het eerste scenario is chaos, en karakteriseert zich door een situatie vol extreme conflicten. Het tweede scenario verwijst naar een behouden van de huidige toestand. Een derde karakteriseert zich door een gedeeltelijke modernisering van de politiek en economie. En het vierde wenselijke scenario schept gunstige omstandigheden voor de menselijke ontwikkeling, eigen aan een bevrijdende democratie.
La Prensa, 15 maart 2002
De Internationale Arbeidsorganisatie erkent de mijnbouw als één van de ergste vormen van kinderuitbuiting
Maria is 6 jaar oud en wil later dokter worden. Hoewel haar moeder erg fier is over haar schoolse resultaten, moet het meisje elke namiddag goud gaan wassen in de rivier die zich slingert vlakbij het mijnwerkerscampament Chima, ten Noorden van La Paz.
In het troebele water dat haar tot de knieën reikt, werkt het kleine meisje er samen met haar jongere broertjes Nando en Rudy. Rudy kan nauwelijks de schaal dragen, maar moet dit verschillende uren per dag doen. Zijn werk bestaat erin de bedding van de rivier op te rakelen en de brede houten schaal te vullen met stenen en zand, dat zijn zusje constant beweegt.
De risico´s van het werk zijn groot, en het loon volstaat nauwelijks om te overleven. Eén werkdag levert – met geluk – 5 bolivianos (35 fr) op, en dan hebben de kinderen 1/10 van 1 gram goud gevonden.
La Prensa, 17 maart 2002
Ciudad
Banzer maakt een tweede herval door in minder dan 14 dagen
Geruchten over het overlijden van ex-president Hugo Banzer Suárez deden gisteren voor de tweede keer in 14 dagen de ronde in het hele land. Het bericht werd later ontkend. Banzer heeft longkanker, met uitzaaiingen in lever en hersenen.
Tegen alle medisch advies in, was de ex-president aanwezig op de inhuldiging van de Assemblee van ADN, Acción Democrática Nacionalista, op 2 maart. Vorig jaar in augustus legde hij zijn ambt als president van de republiek neer. Op 2 maart liet hij zijn partij ADN over aan Jorge “Tuto” Quiroga Ramírez, die op 7 augustus 2001 ook de functie van president overnam.
De militair regeerde het land tussen 1971 – 1978 op dictatoriale wijze, en kwam in 1997 via democratische verkiezingen terug aan de macht.
La Prensa, 13 maart 2002
Protestmars van de leerkrachten
Vol optimisme, maar met vermoeide lichamen, zetten de 200 leerkrachten hun mars verder naar La Paz, om van de regering loonsverhoging te eisen. Gisteren hadden de leerkrachten al meer dan 150 km afgelegd op de weg Oruro – La Paz.
La Prensa, 18 maart 2002
Ze zijn de corruptie beu
Duizenden inwoners van Huanuni kwamen in Oruro aan om het ontslag te eisen van de burgemeester en de gemeenteraadsleden.
Ze kondigen opnieuw wegblokkades aan op de weg Oruro – Llallagua en dreigen de zetels van de politieke partijen in te nemen.
La Prensa, 22 februari 2002
Llallagua

Kinderen uit de woonwijk achter het jongerencentrum
$
Dag vrienden van België, hoe is het met jullie? Ik heet Miguel en ik ben secretaris van sport in de jongerenbeweging van onze gemeente Llallagua. Ik heb al veel plannen voor de jongeren van de gemeente en van het platteland. Ik ga het hierbij laten en wens jullie een zalige kerst en een gelukkig nieuwjaar.
$
Dag jongeren,
Ik ben Galia Flores, ik ben 17 jaar. Ik zit op de middelbare school en ik werk bij NATS (werkende jongens, meisjes en adolescenten). Ik ben ook actief in het jongerencentrum. En als jongeren willen we dit jongerencentrum vooruit helpen, met steun van allen en ook met jullie. Ik hoop dat jullie een zalige kerst doormaken.
Op visite bij de TIO,
in de sporen van Jules Vernes
Peter
Decat
7 h ’s morgens. De koude bijt vingers en teentoppen. Zwijgend of voorzichtig mompelend eerbiedigen mijnwerkers het lastig ontwaken van de vriesmorgen. Onze aankomst animeert de gemoederen lichtjes. Ze kennen ze al, die geschifte gringo’s die er dollars voor veil hebben om eventjes af te dalen in hun dagelijks hel. Iemand fluistert iets in het Quechua, de omstaanders grinniken.
Heeft er een van ons zijn helm verkeerd op? Of hangt er een mijnlamp op een ongelukkige plaats of becommentariëren ze de vrouwelijke leden van ons gezelschap? We hebben er het raden naar.
De mijnwerkers stormen af op een aanrijdende vrachtwagen en de rapsten werpen zich lenig in de laadbak. Als slachtvee opeengepakt slingeren ze de berg op. De gids reserveerde voor ons een jeep. Een jonge mijnwerker wringt zich nog tussen ons, tot grote jolijt van zijn makkers. Met drie springen ze op de achterbumper en klampen zich vast aan het bagagerek. Terwijl de kist moeizaam naar boven tuft gesticuleren ze grijnzend met hun makker binnen. Wij zijn duidelijk onderwerp van hun pretjes.
Aan de BOCA MINA (mijnmond) geschiedt het verzamelritueel van een duizendtal mijncoöperativisten. In groezelige optrekjes nemen ze een warme maaltijd. De volgende twaalf uren moeten ze het doen met cocabladeren. Die zullen honger en vermoeidheid verdrijven. Aan bolhoedvrouwtjes kopen ze hun dagvoorraden: coca, pure alcohol, sigaretten, dynamiet en ontsteking. Wie een traditionele carbidlamp heeft vult ze met calciumcarbide en water. Langzaam ontvolkt het plein en verdwijnen de termieten in hun berg. Wij volgen. In de hoofdgang blaast een koude wind. Verroeste en onderbroken rails getuigen van vroegere mechanisatie. We duiken één van de vele donkere gaten binnen. Marco, onze gids, is goed thuis in dit termietendoolhof.
De lift doet het niet: mechaniek uit het begin van deze eeuw, een open kooi met kabels die bestuurd en geremd word vanuit een centrale, op basis van belsignalen. Twee jaar geleden brak een kabel: 9 doden. Begin dit jaar tuimelde een mijnwerker de liftkoker in tengevolge van een verkeerd belsignaal.

Met ladders dalen we dieper het voorgeborchte binnen.
De temperatuur stijgt.
De sporten zijn vermolmd en bij wijlen wiebelt de ladder vervaarlijk, dieper en dieper. Er komt geen einde aan. De hitte wordt ondraaglijk. Rotswanden komen op ons af. Het hoofd tolt. Voorgoed overgeleverd aan de duisternis? We horen enkel onszelf hijgen en voelen ons zweet dat van rug en voorhoofd parelt. Door angst of door hitte? Nog een trede en dan … de duivel – EL TIO – !
Zijn oogkassen turen recht vooruit, een sigaret in de mond, een tapijt van coca aan zijn lemen klauwvoeten. Hier is hij de baas. In vroegere tijden verzette hij zich tegen aller indringers in zijn rijk. Hij verdreef hen met mijngas en instortingen. Later werd hij bondgenoot van uitgebuite mijnwerkers in de strijd tegen de mijnbazen. Nu is er geen strijd meer tegen onderdrukkers, enkel een strijd tegen de berg en tegen elkaar om te overleven. Toch blijven de mijnwerkers offeren: sigaretten, cocabladeren, alcohol en eenmaal per jaar lamavlees. Gewoon uit traditie. Of vanuit de hoop dat de TIO voor hen toch nog een toekomst bergt?
(volgende maal reizen we verder in het rijk van de TIO)
Peru-Bolivia, wist je
dat...
Hilde
Fiems
Van 19 december tot 5 januari trokken we richting Bolivia, via Peru. Een reis die letterlijk en figuurlijk in onze kleren kroop. In de voorbije jaren hoorden we reeds heel veel vertellen over Bolivia. Daar aankomen was dan ook een stukje thuiskomen. Toch waren er ook nog heel wat dagdagelijkse dingen waar we niet echt weet van hadden. En die zaken schreven we onderweg op als wistje-datjes:
Het ’s morgens om 5 u 30 klaar is en ’s avonds reeds om 19 u 30 donker is.
Je hier soms 4 seizoenen op een dag beleeft? ’s Nachts winters koud, ’s middags zomers warm en daartussen een opwarming en afkoeling zoals in de lente en de herfst.
We hier verse boslucht missen.
Wist je dat het leuk was om de eerste Adelante in Bolivia te kunnen lezen? Lieven en Denise bedankt voor het vele werk.
Er hier in een minibus18 passagiers, in een micro 38 (dit is een kleine bus) passagiers kunnen.
Ze wachten om te vertrekken tot de bus helemaal vol is.
De voorrangsregels in het verkeer hier heel eenvoudig zijn? Wie eerst toetert heeft voorrang.
Je soms een paraplu kan gebruiken op de bus als het regent.
Op een zeldzame keer wel eens een verkeersbord ziet met een kilometerbeperking. Hoe doe je dat als je snelheidswijzer voortdurend op nul staat?...
Het is niet van belang dat de lichten van de bus gaan, dat de kilometermeter functioneert, als je maar op de zetel met het juiste nummer zit.
Het stuur van een Engelse auto aan de linkerkant geplaatst wordt.
We bij de zusters in Llallagua volgende uitspraak hoorden: Fiche moi la paix.
Een leraar hier 80 $ per maand verdient, een hoge functionaris in La Paz 2.000 $ per maand.
Hier zegt men smakelijk na het eten… Iedereen wordt persoonlijk bedankt om samen de maaltijd genuttigd te hebben.
Hilde reeds Spaans spreekt met een plaatselijk accent (ondertussen hoor je nu waarschijnlijk nog nauwelijks het verschil).
Hilde reeds goed gewoon is aan de hoogte. Als we moeten klimmen lost ze ons probleemloos.
Je bij de zusters van Llallagua je batterij kan opladen.
Ze hier Hilde aanspreken met ‘Hilden’. Ja met 2 Hildes samen klopt het wel even.
Hilde een gezellige kamer met parket heeft.
De was hier nog met de hand gebeurt.
Het huis waar Peter en Griet verbleven nog steeds leeg staat. Waar wachten ze op om terug te keren?
Je hier om 18 u 45 een vergaderzaal vastlegt voor een vergadering die om 19 u begint. Om 19 u 30 komt de organisator toe, verwonderd dat er nog niemand is. Uiteindelijk gaat de vergadering niet door.
Ze de afwas niet afdrogen.
Een afdaling in de tinmijnen een adembenemende en indrukwekkende gebeurtenis is, zeker als dit gebeurt onder begeleiding van Don Costo die zelf 17 jaren in de mijn werkte.
De bureaucratie in de Belgische ambassade niet moet onderdoen voor de Boliviaanse bureaucratie. Vragen, wachten, vragen, wachten, op bezoek gaan 17/12 en 19/12, formulieren toegestuurd krijgen, nog eens op bezoek gaan, wachten, wachten, wachten…….
Je een WC kunt ontstoppen met een doorgesneden V-riem.
De hoofdzekering is hier 100 Ampère. Er is geen aarding. In de badkamer moet je eerst een zekering van 30 Ampère aanleggen voor de douche. Een verliesstroomschakelaar bestaat niet.
Dat hier ook ginder kan zijn en ginder ook hier.
Honden hier ook naar de kerk gaan.
De mis van 19 uur om 19 u 30 begint.
Je in Potosí een hotel hebt waar de bijbel op je nachtkast ligt.
In het klooster van San Theresia zien we een schilderij met de ark van Noah.
Diesel kost hier 3,120 Boliviano’s per liter.
De pintjes smaken hier ook.
Hilde betaalt met ‘Bolivianen’.
Wat men voor een visum
reizen kan...
Hilde
Vandelanotte
vrijdag 23 november
Naar de Belgische ambassade in La Paz, een mooi gebouw in een rijke buitenwijk van de stad. Broederlijk Delen stuurde me een tijdje geleden een aanbevelingsbrief toe van DGIS (ABOS van vroeger), waarmee het voor coöperanten makkelijker zou moeten zijn om hun visum te verkrijgen. Op de ambassade moet die brief vertaald worden, en ondertekend door de ambassadeur. In de wachtzaal kan ik de Standaard lezen, en wegdromen bij de toeristische foldertjes van de Belgische kust en van “d’Ardennen”. De ambassadeur heeft het druk, en na een uur wachten stelt de secretaresse voor om de brief bij haar achter te laten. Listo.
vrijdag 7 december
M’n toeristenvisum loopt tot 10 december, en aangezien de ambassadeur het nog altijd druk heeft en m’n brief nog niet getekend heeft, moet ik iets doen: of naar de Dienst Migratie gaan, of even het land verlaten. Ik verkies het zekerste en besluit even de grens over te gaan. De nachtbus Llallagua – La Paz: geen lachertje! De weg is slecht, het is berekoud, en van slapen komt niets terecht! Om halfvier uur ‘s morgens komen we aan in het busstation van La Paz. Ik zoek de eerste bus naar Desaguadero aan de Peruaanse grens, en moet wachten tot 8 uur. De bus zit niet stampvol zoals gewoonlijk, er zijn veel toeristen mee, en ik geniet van het landschap. We rijden een hele tijd langs het Titicaca-meer, prachtig! In Desaguadero moet iedereen van de bus om de Dienst Migratie te passeren. Ik let niet op m’n pasport, en neem de eerste micro (camionette) terug naar de Boliviaanse grens,... waar ze me uit de micro halen want ik mag niet door! Ik ben de Dienst Migratie Bolivia gepasseerd en heb enkel een stempel “salida Bolivia” gekregen!
Te voet terug naar de grenspost... Migratie Bolivia, de brug over het water, Migratie Peru, stempel “entrada Peru”. “En nu, mevrouw, wil ik terug naar Bolivia.” Maar dat ging niet zo simpel: ofwel moest ik 24 uur in Desaguadero blijven, ofwel moest ik aan een andere grenspost de grens weer over. Ik kies het laatste: de micro naar Yunguño. En ondanks de vermoeidheid wil ik niet slapen om niets van de prachtige omgeving te missen!
In Yunguño rijdt geen taxi naar de grens, alleen per taxi-fiets kan je er geraken, eens iets anders! M’n chauffeur is nerveus want hij denkt dat de grenspost zal sluiten, dus is het doortrappen geblazen! Maar we komen nog net op tijd aan! Stempel “salida Peru”, te voet de grens over, stempel “entrada Bolivia”, de meneer aan het loket kijkt me vragend aan: “Juffrouw, waarom komt u dezelfde dag Peru binnen en buiten?” Ik lach eens schaapachtig want heb geen zin om dat uit te leggen!
De bus naar Copacabana, dan de bus naar La Paz. Ik dommel in, tot iemand me wakker schudt. “We moeten er af, we moeten van de bus!”
We moeten een stuk van het Titicaca-meer over: de bus op een veerpont en de passagiers met een speedbootje, leuk!
Na 22 uur op de bus kom ik “verfomfaaid” in La Paz toe, en ik wil maar 1 ding: een bed!
maandag 17 december
Vanmorgen ging ik voor de zoveelste keer naar de ambassade. Ik wil van de gelegenheid gebruik maken nu ik toch in La Paz ben.
“Neen, juffrouw, de ambassadeur heeft je aanbevelingsbrief nog niet getekend.”
Had ik eigenlijk ook niet meer echt verwacht, maar ik heb nu wel gevraagd of ze de bewuste brief per post kunnen opsturen!
vrijdag 21 december
De aanbevelingsbrief is toegekomen én de ambassadeur heeft getekend!
woensdag 2 januari
Ik ben er bijna van overtuigd dat er weer één of ander papier of een stempel zal ontbreken, maar toch trek ik met goede moed de Dienst Migratie in La Paz binnen, met de brief opgesteld door een advocaat uit Llallagua, en met de brief getekend door de ambassadeur. Ik word van het ene loket naar het andere gestuurd, tot ik na 15 minuten ben waar ik moet zijn. Een mapje kopen van 15 Bolivianos, m’n documenten overhandigen en alles lijkt in orde te zijn! Kan ik nauwelijks geloven, maar goed! Over 14 dagen mag ik om m’n pasport mét visum terug keren!
vrijdag 18 januari
Als ze m’n papieren vandaag niet hebben, dan ben ik vanaf volgende woensdag “illegaal” in het land. En inderdaad, ze hebben m’n papieren niet, erger nog, ze hebben alles naar Potosí gestuurd! Nou breekt m’n klomp!
A ja, zeggen ze, Llallagua behoort tot de provincie Potosí en dus moet ik naar Potosí. Dat weet ik ook, maar ze hadden me gezegd dat ik m’n papieren kon regelen in La Paz en dat dat geen enkel probleem was!?
En, zeggen ze, een visum kan niet klaar zijn in 14 dagen want er moet een controleur komen kijken of ik wel woon en werk waar ik zeg dat ik woon en werk. Maar ze hadden me gezegd om na 14 dagen terug te keren!?
Ik ben het nu toch wel beu aan het geraken, na 5 maanden heb ik nog m’n papieren niet! De secretaresse stelt me voor om met “het hoofd” te praten. Ik word naar een andere ruimte gebracht waar 2 advocaten kaart zitten te spelen... Wanneer ze klaar zijn met hun partij, onderwerpen ze me aan een “interview”, en daarna garanderen ze “dat ze de zaak persoonlijk ter harte gaan nemen”, én dat ze me zelf gaan opbellen als alles geregeld is!
vrijdag 15 februari
Omdat ze me na 4 weken nog altijd niet gebeld hebben, had ik gisteren zelf de Dienst Migratie gebeld. Alles is in orde, zeiden ze.
In het busstation van La Paz was ik naar het toilet gegaan, terwijl zuster Sonia op ons gerief lette. Toen ik terugkwam, zei ze dat ze m’n laptop hadden gestolen, maar aangezien zij altijd klaar is voor een grap, geloofde ik haar niet! Tot ik zag dat ze als aan de grond genageld bleef staan en haar gezicht wit wegtrok. De computer was inderdaad weg. Ik deed nog een vergeefse poging om de dief te vinden en rende door het station... niemand te zien... Niets aan te doen, het belangrijkste was dat ze haar niets gedaan hadden!
Vandaar naar de Dienst Migratie. En ongelooflijk, maar toch echt waar: binnen de 5 minuten stond ik buiten mét m’n visum tot februari 2003! En dat zonder controleur!!
Ten slotte: Wisten jullie dat...
Céline en Elisa tot nu toe de trouwste briefschrijfsters zijn.
de madam van de post gemiddeld één keer per veertien dagen een halve dag haar loket opent en dat frustrerend is.
advocado’s in bomen groeien, en verse vijgen heel lekker zijn.
ze hier denken dat ik maar een jaar of 23, 24 ben?!
zuster Sonia vaak – zoals nu ook - het volgende op m’n computer komt schrijven: PACIENCIA!!!!! SONIA
ik alle schrijvers en mailers eens welgemeend wil bedanken, want elke boodschap, hoe kort ook, is voor mij een riem onder het hart!
ik, ook in naam van de jongeren, iedereen wil bedanken die iets overschreef op de rekening van Broederlijk Delen. Jullie bijdrage helpt ons enorm om ons activiteiten te realiseren.
Hilde